Je zal maar in Amsterdam moeten wonen

Er was een tijd dat ik er van droomde in Amsterdam te wonen. Amsterdammer zijn, het leek me prachtig. Leven in een bruisende metropool, de Nederlandse versie van de ‘City that never sleeps’, vol met rare, eigenwijze mensen die je van je sokken fietsten. En er was altijd wel iets aan de hand. Een ontruiming. Of een rel. Of een liquidatie. Een echte stad.

Het werd Deventer.

Gelukkig maar. Want het blijkt dat ik aan de hel ben ontsnapt. Als ik alle berichten in de (sociale) media mag geloven, is Amsterdam namelijk helemaal niet leuk. In Amsterdam heb je toeristen, het hele jaar door. Die slapen in huizen van andere mensen en hebben plezier. Ze lopen met z’n allen met rolkoffers door de stad en dat maakt kabaal. Dat doen Amsterdammers niet. Die gaan niet op vakantie. Want ze wonen al in Amsterdam.

Je hebt in Amsterdam ook winkels. Veel winkels. Daar verkopen ze soms maar één product, zoals Nutella. Handig als je daar zin in hebt. En toeristen vinden dat ook leuk. In al die winkels werken mensen en soms praten die alleen maar Engels. Dat komt denk ik omdat er in Amsterdam veel mensen uit andere landen wonen en werken en die kunnen niet allemaal Nederlands. Dat is natuurlijk heel onhandig voor Amsterdammers die Nutella willen en de Engelse taal niet machtig zijn. Wat op zich te begrijpen is, want veel Amsterdammers komen nooit buiten Amsterdam. Ze wonen namelijk in Amsterdam.

Als er in Amsterdam een winkelpand leeg staat, dan komt daar zomaar een andere winkel in, een wonderlijk fenomeen dat je in de rest van Nederland niet ziet. Maar voor Amsterdammers is het niet fijn, want zo hebben ze nooit eens een rustig gapend gat in hun winkelstraat en het blijft druk.

Maar dat is niet alles. De huizenprijzen in Amsterdam stijgen ook nog eens harder dan in de rest van Nederland. Waar in Deventer de huizen nog steeds minder waard zijn dan voor de crisis, kunnen Amsterdammers alleen al van de waardestijging sinds 2015, twee huizen kopen. In Deventer. Maar dat is natuurlijk niet prettig, want de OZB stijgt mee. En de prijzen blijven maar stijgen, want steeds meer rijke, goedopgeleide mensen willen in Amsterdam wonen en die zorgen ervoor dat er werkgelegenheid naar de stad komt, nog meer winkels en voorzieningen, nog meer welvaart, maar ook nog duurdere huizen. Dat allemaal is voor de echte Amsterdammers natuurlijk helemaal niet leuk.

Nee, ik ben blij dat dit noodlot mij bespaard is gebleven. Dat ik woon in een stad zonder bierfietsen, AirBnB, volle parken, koffiebarretjes met handgeschreven menukaarten, sightseeingbussen, schommels aan hoge gebouwen, cruiseschepen, hipsters en kampioensfeesten. En ik heb te doen met die meer dan een miljoen mensen die in de ellende zitten.

Sterkte.

Jan-Willem Wesselink is hoofdlaborant van het Kennislab voor Urbanisme

Lees meer blogs over Urbanisme