Echte omgevingsveiligheid bestaat niet. De manier waarop we de verhouding tussen risicobronnen (zoals chemische fabrieken) en omwonenden weergeven is een papieren veiligheid. Een van tevoren gemaakte berekening, die net zoveel met de werkelijkheid te maken heeft als de foto’s in een kookboek met hetgeen je op je bord krijgt. Het lijkt er op. In het beste geval.

Dat wil niet zeggen dat het onzinnig is. De omgevingsveiligheidsberekeningen zijn erg nuttig omdat we nog niets beters hebben. Ze zijn daarmee een goede basis voor het draaiboek waar rampenbestrijding op is gebaseerd. Maar stel dat er bij een ramp (of bij een minder ernstig incident) blijkt dat er toch kwetsbare groepen in het gebied wonen, of dat een van brandwerende ruiten van een gebouw was vervangen door een normaal stuk glas? Dan klopt het recept wel, maar smaakt het gerecht niet, omdat peper is vervangen door zout.

Het is het risico van denken in risico’s.

Wat nou als risico niet meer zou bestaan? Simpelweg omdat we niet uitgaan van een berekenende werkelijkheid, maar altijd weten hoe de werkelijkheid er echt uitziet?

Dat kan. Althans, dat kan steeds beter. In de smart city is alles data en genereert iedereen en alles data. Nou ja, het is nog niet helemaal zover, maar we gaan aardig die kant op. De stad wordt een zwerm van mensen die data genereert in een netwerk dat die data opvangt. En op basis daarvan kunnen we altijd en overal real time bepalen wat de impact is van een incident. Van een ramp bijvoorbeeld. Of een aanslag. Of de dreiging daarvan.

Dat maakt het werk van rampenbestrijders compleet anders. Na een incident berekenen computers (door middel van algoritmes) de impact van het incident en bepalen ze welke hulpdiensten ter plaatse moeten gaan en wat ze moeten doen. Niet een van tevoren vastgelegd draaiboek wordt uitgevoerd, maar een real time gegenereerd aanvalsplan. Dat altijd actueel is. Computers zijn hier beter in dan mensen. Een ramp lijkt immers op een ingewikkeld scenario-spel (zoals bijvoorbeeld het bordspel Go) en daarin zijn computers niet meer door mensen te verslaan.

De komende jaren wordt de vraag actueel waarom we bij rampenbestrijding werken met iets archaïsch als een draaiboek, terwijl er zoveel betere alternatieven zijn. Vervolgens ontbrandt de discussie waarom we mensen naar deze gevaarlijke situatie sturen, terwijl robots hier veel beter tegen kunnen. En dan vragen we ons af of RoboCop echt een science-fiction-film is.

Jan-Willem Wesselink is hoofdlaborant van het Kennislab voor Urbanisme

Lees meer blogs over Urbanisme